statit

Home > Reisverslagen > Het kan raar lopen

Eindelijk wind!
Verslag cursusreis F2008-28



Het kan raar lopen
Verslag cursusreis F2008-18



Inter Access Team Building



Zeilpakken te huur



Creatief met doek: Verslag CAMR 2006 (F2006-15)



Hemelvaarttocht Ipswich Verslag cursusreis F2006-09



2 dagen naar Scheveningen Verslag cursusreis F2006-04

Het kan raar lopen...

Verslag reis F2008-18



Zaterdagmorgen 2 augustus 2008, 11 uur. We zijn aan boord van de Fulmarus voor een reisje naar Schotland. Het weer ziet er goed uit, iedereen heeft er zin in en we hebben de kaarten en weersverwachtingen op tafel liggen. Hmm, die windrichting, kunnen we daar wat mee? Tja, zegt de schipper, dat ligt er maar net aan hoe het echt is, buiten op zee. Als het een beetje mee zit kunnen we met de zuidwesten wind die wordt voorspeld mooi halve wind richting de Engelse kust en daar dan langs omhoog naar Schotland. En als de wind dan na een paar dagen inderdaad naar het Noordwesten gaat draaien is de rest misschien net bezeild. En zo niet, dan hebben we allerlei mogelijkheden om een haven te zoeken voor het geval dat we niet langer zin hebben om er tegenin te gaan. Want zeilen is leuk, ook “up wind”, maar als je dat lang moet doen wordt het wel zwaar, vooral ’s nachts. Dus het plan wordt hoog aan de wind weg uit IJmuiden en dan zien waar dat ons brengt. Zo gezegd zo gedaan, en na een tijdje zeilen we IJmuiden uit richting... volle zee. En dan wel heel erg letterlijk volle zee, want de wind is inderdaad net even anders dan voorspeld (bestaat er een tweebenig wezen dat het weer kan voorspellen?), waardoor we niet eens recht op Schotland aan koersen. Nee, de koers zou ons brengen ergens halverwege Schotland en Noorwegen... Dus wordt het tijd voor het alternatieve plan dat we al hadden bedacht: richting Denemarken. Het nieuwe reisdoel wordt Thyborøn. De koers wordt gezet naar Den Helder, om daar te overnachten en een nieuwe gedetailleerde routevoorbereiding te maken voor het nieuwe doel. En een dagje wennen en “inslingeren” is eigenlijk een heel prettig begin van een reis.

Zondag zijn we allemaal uitgerust en na het maken van ons “huiswerk” ligt en een gedetailleerd plan voor de tocht naar Thyborøn. En de nieuwe weersverwachting lijkt een goede tocht op te gaan leveren. Het zal best flink gaan waaien, maar de richting is goed, dus het ziet er naar uit dat we met een flinke knik in de schoot lekker gaan opschieten. En het eerste deel van de reis gaat alles ook volgens plan. We steken de verkeersscheidingsstelsels boven de Waddeneilanden over, en dan valt ineens de wind weg. Hé... dàt was niet voorspeld. Sterker nog, zo ongeveer elk uur komt er een nieuwe stormwaarschuwing van de Nederlandse Kustwacht, dat de harde wind die was voorspeld steeds dichterbij komt. En die voorspelling luidt... NW 7. Oeps, dat is toch wel een stukje ruimer dan alle voorspellingen een dag geleden nog gaven. Maar voorspellingen kloppen nooit, dus we gaan eerst maar eens afwachten wat we echt krijgen. Het duurt niet lang en de wind trek weer aan. En de richting...? Hartstikke Noordwest... Dat wordt knikkeren! Tegen een dikke wind in varen is een onstuimige vaart en Thyborøn is nog ver weg. En de wind gaat alleen maar harder worden straks. Tijd voor scheepsberaad. Hoe lang willen we dit gaan doen? De veiligheid is niet aan de orde, want met 7 Bf is goed te varen met de Fulmarus, dus de schipper laat de keuze aan de bemanning. Maar hij heeft wel een voorstel: als we 20 graden lager gaan varen wordt de koers een heel stuk comfortabeler en komen we uit in Esbjerg (Denemarken). Goed plan. Dus de koers wordt verlegd en de zeilvoering aangepast aan de steeds harder wordende wind. Het grootzeil gaat er zelfs af en we varen op alleen een werkfokje. En dat is doek zat, want we lopen tussen de 6 en 7 knopen, wat wel zo ongeveer het maximum is voor de Fulmarus. De wind blijft aantrekken, golven worden steeds hoger en het wordt behoorlijk spectaculair op zee. En het regent. Niet een klein beetje, nee het regent serieus. Langdurig valt een gestage regen, waardoor alles en iedereen doornat wordt. En zelfs in een uitstekend zeilpak word je na verloop van (lange) tijd toch koud. Toch wel een goed plan, om naar Esbjerg te gaan, wat een stuk dichterbij is dan Thyborøn.
Dinsdagnacht, een uur of 3, zien we de aanloopton van Esbjerg. We zijn er bijna! Nog 10 mijl naar binnen en dan rust in de tent. Het zicht in gelukkig goed, dus het zoeken van de boeien gaat eenvoudig en na anderhalf uur varen we de haven binnen. Het is nog even lastig een geschikte plek te vinden (Esbjerg heeft een vrij kleine jachthaven en de harde wind staat er nog steeds) maar na een beetje zoeken ligt de Fulmarus in een box en is het tijd voor de aankomstborrel. Uiteraard wordt de eerste borrel geofferd aan Neptunus vanwege de veilige vaart. Want golven van 4 meter hoog zijn best indrukwekkend, zelfs als je er niet tegenin hoeft! Tijd voor slapen en nieuwe plannen.

Woensdag 6 augustus 2008. De trossen gaan weer los voor de volgende etappe. We hebben er voor gekozen om in etappes via Helgoland en de Duitse en Nederlandse Waddeneilanden richting Nederland te gaan. De weersverwachting is goed. Wind tegen maar niet te veel, en de 20 mijl die we moeten kruisen beloven een lekkere dag zeilen. De lucht is wel wat grauw, dus droog zullen we het niet houden, maar de vorige dag hebben we met zon door Esbjerg geslenterd, voortreffelijk gegeten en onze persoonlijke accu’s weer bijgeladen. Maar dit lijkt een reis van onverwachte wendingen te worden. Want bij het hijsen van de genua schiet de val los en hangt onbereikbaar hoog. Gelukkig hebben we nog een oude val, maar die is erg onbetrouwbaar en rekt nogal. En om een beetje knap aan de wind te kunnen varen, en een beetje hoogte te kunnen lopen, hebben we wel genoeg spanning nodig op het voorlijk van de genua. Dus toch maar wat spanning er op gedraaid en hopen dat het goed gaat... Dat duurt nog geen half uur en een luide knal gaf aan dat de oude val het opgegeven had. Vette pech!! Wat nu? Terug naar Esbjerg zeilen, of op motor door naar List? We kiezen voor het laatste. De aanloop van List gaat voorspoedig, ondanks het matige zicht, maar we kunnen de boeien net op tijd zien om probleemloos in het piepkleine haventje aan te komen. Boot tegen de kant en klussen maar! De schipper de mast in om de genuaval omlaag te halen en de oude gare reserve val er toch maar weer in te scheren. List is een klein toeristenstadje op het eiland Sylt en de jachthaven is het toneel van allerlei mensen die met vakantie zijn, die rondvaarten gaan maken, op terrasjes zitten rondom de haven, en de Fulmarus lijkt bij het binnenvaren al meteen de sensatie van de dag, want het is best een grote boot voor dat kleine haventje. De havenmeester wacht ons al op bij de enige plek waar het schip past en als er dan ook nog iemand de mast in gaat zie je veel mensen gapend kijkend zich afvragen wat daar nou weer gebeurt. Nou... de boel weer in orde maken voor de volgende etappe dus.

En die volgende etappe voert richting Helgoland. Zou ik er dan eindelijk eens gaan aankomen, verzucht de schipper. Het blijkt dat hij al twee keer onderweg is geweest naar het kleine rotseilandje in de Duitse Bocht en dat dat beide keren niet gelukt is door omstandigheden. Wel heeft hij het licht van Helgoland een aantal keren gezien toen hij van Nederland richting de Oostzee voer of weer terug. Maar de nieuwsgierigheid is groot. We hebben er zin in, de boot is er klaar voor en de zon schijnt. Verrassend, want de weerberichten geven een flinke bewolking voor die dag. Maar het mag ook best eens meezitten, vinden we unaniem. Dus om 6 uur de trossen los voor de ca.70 mijl die we te gaan hebben. Helaas is er erg weinig wind, dus gaat de trouwe motor er op en genieten we van de kalme zee en het aangename weer. Boeken worden te voorschijn gehaald en de wachten ingedeeld zodat er ook nog wat geslapen kan worden, want je weet nooit wanneer de wind aantrekt en alle handjes nodig zijn aan dek.
Maar dat gebeurt niet. De wind blijft kalm en aan het eind van de middag, na een flinke regenbui (waarbij het onweer ons gelukkig links laat liggen) doemt uit de nevelen Helgoland op. De ingang zit aan de andere kant van het eiland, dus we moeten er omheen varen wat ons meteen een aardig beeld geeft van het bijzondere eilandje. We leggen aan en we zijn nog geen drie minuten klaar of het begint te stortregenen. Meestal gebeurt dat tijdens het aanleggen, dus op het moment dat ieder handje nodig is, maar deze keer zijn we blijkbaar te snel geweest. Als dat maar geen gevolgen heeft...

Vrijdag 8 augustus 2008. Op ons programma staat een tocht naar het Duitse Waddeneiland Norderney. We worden wakker van de harde regen die op het dek klettert en de donder van een fikse onweersbui. Hmm... niet echt weer om uit te varen. Die regen is het probleem niet, maar met onweer varen we niet uit, dus dat wordt afwachten. De havenmeester, vaak een bron van informatie, heeft een wazig verhaal over onweer dat rond het eiland trekt en als het weg lijkt te zijn weer terug komt. Wij zien dat anders. Blijkbaar zitten we in een storing met daarin de nodige onweersbuien, die dan steeds van een andere kant lijken te komen. Afwachten dus wanneer het verantwoord wordt om te vertrekken. De windverwachting is dat de wind naar het Noordwesten gaat draaien, dus dat is een gunstig vooruitzicht om boven de Waddeneilanden langs te varen. Aan het begin van de middag is de lucht zodanig open gebroken dat we besluiten te vertrekken. De wind is aan het draaien naar die gunstige richting en er zit geen onweer meer in de lucht. Dus pakken aan en wegwezen! Maar is Norderney dan nog wel haalbaar? De almanak leert ons dat aanvaren in het donker gevaarlijk is. Bovendien is er een drempel bij het invaren van de geul naast het eiland die bij sterke wind uit Noordelijke richtingen gevaarlijke brekers gaat vertonen. En de wind is aangewakkerd tot windkracht 6 met golven die zich aan het opbouwen zijn. Geen optie dus en we besluiten dat het plan dat we bij vertrek hebben gemaakt blijft staat: gebruik maken van het tijd-venster met gunstige wind en doorvaren naar Borkum. Daar kunnen we altijd naar binnen, dus daar zijn we niet afhankelijk van het tijdstip waarop we aan denken te komen.
Het wordt prachtig weer. De wind is gunstig en goed te doen met de gekozen zeilvoering en de lucht breekt helemaal open waardoor een stralend blauwe lucht te voorschijn komt. Genieten dus! En hopen dat de voorspelde winddraaiing naar West lang genoeg uit blijft om in één ruk naar Borkum te karren. En dat lukt. De wind draait wel heel langzaam op de kop, maar het lukt om voordat de stroom tegen gaat lopen de aanloopton van de Eems-Dollard aan te lopen en met een naar binnen gaand tij scheuren we voor de wind richting Borkum. Het geultje van de Eems richting de havens van Borkum is nog even spannend (een aantal onverlichte boeien en geen goed richtpunt om naar toe te varen) maar alles gaat goed en om 4 uur zitten we tevreden rond de tafel na te praten.
Ondanks dat deze tocht bezeild was hebben we toch behoorlijk hoog aan de wind moeten varen en we hebben een goed beeld gekregen van hoe het is om dat een hele nacht te moeten doen. Bij zulke omstandigheden best heftig dus. Slapen en de volgende dag plannen en “huiswerk” maken voor de komende dagen. Van hier uit hebben we de mogelijkheid om in relatief korte etappes richting huis te varen. Lauweroog, Ameland, Vlieland of Terschelling en dan afhankelijk van de voorspellingen via Den Helder en IJmuiden of over het IJsselmeer terug naar Zaandam. De weersverwachtingen veranderen nog steeds met de dag, dus het blijft spannend...

En zoals de hele reis al het geval is loopt ook nu weer alles anders dan we vooraf konden bedenken. Ons “huiswerk” (routevoorbereiding) richting Lauwersoog hebben we netjes gemaakt en met twee alternatieve routes. De uitvaart van de Eems kent een hoofdroute, die eigenlijk altijd wel goed te doen is, maar ook een kortere route door het Huibertsgat, waarbij je een stuk afsnijdt. En die route was gezien de windverwachting de snelste weg richting Lauwersoog.
Zondag 10 augustus. We varen uit met een dikke wind met als reisdoel Lauwersoog. De bedoeling is de route via het Huibertsgat, maar het zicht is erg matig. En dat Huibertsgat is een geul die niet al te breed is en waar de diepte nogal veranderlijk is. Uitkijken en voorzichtig zijn dus. En op het punt waar we die geul in zouden moeten varen blijkt dat de betonning helemaal niet zichtbaar is. Dus wordt het de lange route. Hierdoor moeten we ook meer tegen de wind in, dus kruisen geblazen. En daar hebben we de hele dag voor, dus onze planning gaat helemaal uitkomen. Het weer is wisselend. Aan het begin van de dag regen en in de loop van de dag wordt het steeds fraaier. De invaart richting Lauwersoog, door het Plaatgat, is wat traag (stroom en een flinke wind tegen) maar de zon komt steeds meer kijken en tegen de tijd dat we richting Lauwersoog zeilen zitten we onder een blauwe hemel met de nodige bewolking om ons heen (waar zo te zien ook de nodige buien uit vallen). In de drukke vissershaven vinden we een plek naast een sportvisser die net voor ons is binnengelopen en nog voordat we alles hebben opgeruimd wordt ons een bord met gehaktballen toegeschoven voor bij het zeer wel verdiende biertje. En dat smaakt allemaal meer dan prima.

Maar hoe nu verder? De weersverwachtingen zijn nog steeds erg onbetrouwbaar. Verschillende bronnen geven erg verschillende verwachtingen en we moeten een plan maken waarbij we op tijd terug zijn in Zaandam. Bij Ierland ligt een depressie die erg vervelend weer met zich mee gaat brengen en de verwachting is dat die depressie een tijdje blijft liggen om dan ineens onze kant op te komen. En van dergelijke voorspellingen is bekend dat het moment waarop dat dan gaat niet zo goed te voorspellen is. Ons plan was Ameland en dan richting Vlieland of Terschelling. Maar als die depressie eerder komt moeten we dus vanaf Ameland tegen de Zuidwest 7 (of meer?) het lange eiland Terschelling voorbij. Een lange en zeer zware tocht, die dan niet is afgelopen tegen de tijd dat we de Wadden op varen, want dan moeten we meteen door richting het IJsselmeer. Maar als de voorspellingen uitkomen, of dat zware weer komt een beetje later, dan hebben we juist een prachtige tocht. Na lang beraad en afwegen besluiten we dat we het risico niet willen lopen op een dergelijke zware tocht. We hebben al de nodige wind gehad op de heenweg naar Esbjerg, en toen was het bezeild en dus aanmerkelijk comfortabeler dan wanneer je de wind recht op de kop hebt, en we kunnen ons er inmiddels alles bij voorstellen hoe het moet zijn een hele nacht tegen zulke harde wind in op te werken. Dus we gaan binnendoor naar Harlingen. En dat is uniek, want de Fulmarus heeft die route nog nooit gevaren.

Maandag 12 augustus. Trossen los voor een dagje varen door kanalen en sloten. De dag begint weer wat regenachtig, maar al snel klaart het op en het wordt een dag met af en toe een bui waarbij het erg aangenaam is om buiten te zijn. Zo’n dag waarbij je als je binnen zit denkt dat het de hele dag regent en als je buiten bent heb je af en toe een bui gehad met voor de rest overwegend best mooi weer. De reis verloopt voorspoedig, ondanks de gebrekkige informatie die we voor een dergelijke tocht aan boord hebben, en aan het eind van de middag lopen we de haven van Harlingen binnen. Dat is best vlot gedaan, want op een dergelijke route ben je erg afhankelijk van de bediening van de vele bruggen. Een vreemde route voor een zeezeilschool, wat ons onderweg zelfs enige grappen vanaf andere schepen oplevert. Maar we hebben een erg leuke dag gehad zo tussen het riet, gras, koeien, schapen en paarden.

Dinsdag 12 augustus. Om kwart voor acht nemen we de brug om de Noorderhaven van Harlingen uit te varen richting het IJsselmeer. Het weer ziet er aardig uit, lijkt op de voorspelling die we die morgen hebben opgehaald en na ongeveer een uur liggen we in de sluis van Kornwerderzand. Hmm, de wind lijkt toch wel een stuk harder dan vanmorgen werd voorspeld. Dus toch maar kleine zeiltjes er op en richting Enkhuizen. Dan komt op de marifoon de stormwaarschuwing: 6-7 Bf, mogelijk 8 met windstoten van 55 knopen wat overeenkomt met windkracht 10. Oeps, dat was niet ons plan. Het plan was een kabbelend dagje onder vol tuig waarbij we de nodige aandacht konden besteden aan dingen als zeiltrim en allerlei leuke oefeningen. Maar het wordt dus kleine zeiltjes en erg goed opletten wat het weer gaat doen. En al snel neemt de wind toe (dus een rif gestoken) en draait naar het Zuiden, wat erg lastig is als je snel in Enkhuizen wilt zijn vanaf Kornwerderzand. De buien worden ook steeds heftiger en de marifoon geeft een bericht dat de harde wind vanaf een uur of twee er zeker wel zal zijn. En voor die tijd halen we Enkhuizen niet, dus wordt het Medemblik. Koers verlegd, zeilen bijgesteld, havenmeester gebeld of er wel plek is in die haven en op naar Medemblik. Kijk, daar ligt het... onee, nu regent het zo hard dat er helemaal niks meer zichtbaar is... jawel, daar ligt het toch.... hmm, die regen maakt het zicht toch wel erg slecht... Handig zo’n kompas! We scheuren naar Medemblik, strijken de zeilen en tot onze grote verbazing en opluchting is het net even wat rustiger als we de boot een box in varen. Trossen vast, alles in orde en opgeruimd en daar begint het geloei! Hele harde windvlagen en een hoop gedoe, maar wij zitten hier uitstekend in Medemblik! Stel je toch voor dat we nu boven Terschelling zouden zitten en tegen deze windkracht 7 tot 8 in moesten. En aangezien al het goede in drieën komt gaat ook de zon nog schijnen en hebben we een middag schitterend weer!

Woensdag 13 augustus, klaar voor een dagje knikkeren. De wind is hard (7+) maar op het IJsselmeer is dat voor een boot als de Fulmarus geen enkel probleem. Kleine zeiltjes er op en karren maar. Het venijn zit in de golf en op het IJsselmeer zijn die niet zo groot. Voor kleinere boten kan die IJsselmeergolf erg vervelend zijn omdat je elke golf in knalt als je van de vorige af komt. Maar de lengte van de Fulmarus is zodanig dat het allemaal wel meevalt. We hebben dan ook een prima zeildag met zonnig weer, maar wel met twee enorme regenbuien. De eerste als we binnenvaren bij Enkhuizen. Echt een enòrme regenbui, met ook hagel er in, en we doen maar even rustig aan voordat we de sluis in varen zodat we weer een beetje zicht hebben als we dat doen. Maar buien zijn over het algemeen erg tijdelijk en daarna is de zon weer terug. Hollands weer noemen ze dat wel, blauwe lucht met stapelwolken. Alsof dat nergens anders op de wereld voorkomt... We kruisen tegen de harde wind in richting Volendam en op die tweede fikse regenbui na is het geweldig. Er zijn meer van dat soort buien in de lucht, maar die drijven allemaal voorbij, dus het zit mee. In Volendam aangekomen komt er nog een enorme bui over met windstoten er in van 45 knopen op onze meter. In de haven! Wauw!!

Donderdag 14 augustus. De laatste etappe voor deze reis. Op naar Zaandam. De wind is aanmerkelijk afgenomen waardoor we tijd en gelegenheid hebben om nog wat oefeningen te doen die er de afgelopen twee weken niet van gekomen zijn: stoeien met de boom en ankeren. Daarna varen we eindelijk weer eens met een niet gereefd grootzeil. Als we net vertrekken lijkt het rustig genoeg voor de grote genua, maar na een half uurtje zeilen neemt de wind toe en moet er een kleinere genua op. Toch even met vol tuig gevaren. Vreemd toch, dat over mooie zeildagen veel minder te vertellen is dan over dagen waarop van alles gebeurt. Dat zal wel mijn beperking als schrijver zijn. Het is prettig om op laatste dag mooi weer te hebben. Wind genoeg om lekker te varen, zon genoeg om het aangenaam te vinden en dat de wind tegen staat is geen enkel probleem voor zo’n korte etappe. Dus kruisen we richting Amsterdam, gaan op speciaal verzoek om het eiland Pampus heen en varen bij Durgerdam het Buiten-IJ op. Tijd om de zeilen te strijken en richting de Oranjesluizen te gaan. En dan door Amsterdam, altijd grappig om dat vanaf het water te zien, richting het Noordzeekanaal en Zaandam. Nog even brandstof bunkeren, we komen er toch langs, en rond een uur of vier liggen we weer op de ligplaats in Zaandam.

Een bijzondere reis. Ergens anders uitgekomen dan het oorspronkelijke reisdoel, veel meegemaakt en de beslissingen die we hebben genomen pakten zo goed uit dat de grote ellende die in de lucht zat aan ons voorbij gegaan is.
Zou volgend jaar Schotland opnieuw op het programma staan?